Voor waren: SGP, VVD, PVV en JA21. Tegen waren Progressief Nederland, Volt Nederland, ChristenUnie, CDA, D66, Forum voor Democratie, Socialistische Partij, Partij voor de Dieren, BBB BoerBurgerBeweging, 50PLUS, Fractie-Visseren-Hamakers, Fractie-Van de Sanden, OPNL en Fractie-Beukering.
De voorgestelde maatregelen in de Wtmo konden leiden tot ongerechtvaardigde beperkingen van het recht op vrijheid van vereniging en staan op gespannen voet met andere fundamentele rechten van maatschappelijke organisaties. In een democratische rechtsstaat is het immers van cruciaal belang dat er ruimte is voor maatschappelijke organisaties die mensen en belangen een stem geven.
Een brede coalite van maatschappelijke (branche)organisaties heeft de argumentatie tegen deze wet uitvoerig en meermaals onder de aandacht gebracht bij de politiek. Deze coalitie bestaat uit Goede Doelen Nederland, FIN, NOC*NSF, Vereniging VrijwilligerwerkNL, European Center for Not-for-Profit Law, Human Security Collective, Mensen met een Missie, Netherlands Helsinki Committee, WO=MEN Dutch Gender Platform, PARTOS, Partin en Breed Mensenrechten Overleg (BMO).
Lees hier meer op de website van de Eerste Kamer